Een interview met… Eduard Slootweg

U bent het hoofd van het Informatiebureau van het Europees Parlement Nederland. Wat houdt deze functie precies in?  

‘We werken hier in het Huis van Europa, en ik noem het meestal een soort bedrijfsverzamelgebouw, want niet alleen het Europees Parlement zit hier. Zo zit hier ook de Vertegenwoordiging van de Europese Commissie in Nederland. Die Vertegenwoordiging vertegenwoordigt dus de Europese Commissie, het dagelijks bestuur van de Europese Unie. De Europese Commissie is het uitvoerend orgaan dat een politiek beleid voert. De Vertegenwoordiging in Nederland draagt dat beleid hier uit.

Eduard Slootweg

Mijn bureau is een van de Informatiebureau’s van het Europees Parlement. In elke lidstaat vind je zo’n Informatiebureau. Wij informeren o.a.  het Nederlandse publiek over de werkzaamheden van het Europees Parlement en we bieden een platform voor de Nederlandse Europarlementariërs.

Verder zit in dit gebouw de ‘European External Action Service’, het departement van het buitenlands beleid van de EU.  Zij zitten hier als ambassadeur van de EU voor internationale organisaties in Nederland.

Dan , kijkend naar mijn functie: als ik praat, hoor je niet iemand die een politiek standpunt uitdraagt. Ik doe niet aan politiek, ik doe alleen “aan instellingen”. Wij zijn de handen, voeten, ogen en oren van het Europees Parlement. Bij bezoeken van delegaties van het Europees Parlement aan Nederland helpen wij mee met het organiseren daarvan,  dus bijvoorbeeld bij een bezoek  van Nederlandse of ook buitenlandse Europarlementariërs aan de Eerste of de Tweede Kamer. Ook hebben we een informatiefunctie, want wij rapporteren aan het EP in Brussel wat hier in Nederland op politiek gebied gebeurt.  We laten als het ware het Nederlandse (nationale) Parlement en het Europees Parlement samen communiceren. Daarnaast zijn wij op educatief gebied bezig met middelbare scholen. Zo hebben wij een programma waarbij scholen als een soort ambassadeur voor de EU kunnen optreden.’

Wat vindt u de grootste uitdaging in uw vak?

‘Ik zou heel tevreden als in Nederland iedereen net zo denkt over de Europese Unie als over de Rijksoverheid, provincie en gemeente. “Europa” zou gezien moeten worden als de vierde bestuurslaag, maar op dit moment zien we er maar drie (landelijk, provincie en gemeente). De EU wordt gezien als een of andere Europese instantie, maar ook zij stellen wetgeving op en daarmee zijn ze de vierde laag.’

Europa leeft niet genoeg onder de burgers. Voor veel mensen voelt het te ver weg om te beslissen over zaken in ons land. Hoe komt dit denkt u, en hoe lossen we dit op?

‘Niemand weet het antwoord, maar het punt is:  de EU is niet “zij”. De EU, dat zijn wij!  We voelen dat alleen niet. Het is een beetje zoals lucht voor ons: het is vanzelfsprekend, dus we beseffen niet meer echt dat het overal is, maar als het er niet is, dan merk je het direct. De EU bepaalt erg veel belangrijke dingen die veel voor ons betekenen, zoals het feit dat jij en ik nu gebruik kunnen maken van mobiele telefoons. Dankzij de richtlijnen van de Europese Unie is dit allemaal makkelijker gemaakt. We beseffen alleen niet dat dit dankzij de EU komt.’

Hoe betrekken we jongeren bij de Europese Unie?

‘Door dingen zoals het MEP! Dit is natuurlijk een goed voorbeeld. Daarnaast is het ook heel goed om je in politiek te gaan verdiepen, door bijvoorbeeld actief te worden bij een jeugdafdeling van een partij. Hier leer je veel belangrijke dingen zoals organiseren en samenwerken, maar dit moet je natuurlijk ook een beetje liggen. Scholen hebben daarnaast ook een belangrijke functie in het opwekken van nieuwsgierigheid bij jongeren, maar dat geldt ook voor ouders en jeugdclubs.’

‘Mijn advies is: sta voor je zaak, maar besef dat je met zijn allen moet rooien. Een belangrijk onderdeel van de democratie is: de meerderheid besluit, maar er moet ook rekening met de minderheid worden gehouden.’

Geen reactie's

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: